Wet computercriminaliteit III

De bevoegdheden van de politie moeten aansluiten op de digitale werkelijkheid van nu. We begrijpen dan ook de wens van de overheid om nieuwe bevoegdheden te introduceren in de Wet computercriminaliteit III. In de huidige vorm vrezen we echter dat deze nieuwe wet schadelijk zal zijn voor het vertrouwen in ICT en de internationale positie van Nederland.

Wat vindt Nederland ICT?

Nederland ICT vindt dat de overheid twee gezichten laat zien. Enerzijds wil ze meehelpen om kwetsbaarheden in ICT te ontdekken en op te lossen. Anderzijds introduceert ze een wet waarbij de politie er baat bij heeft deze kwetsbaarheden in stand te houden en te gebruiken. En aan de ene kant profileert Nederland zich internationaal als voorloper op het gebied van samenwerking en cyberdiplomatie. Aan de andere kant creëert de regering internationaal onrust door de politie de bevoegdheid te geven buiten Nederland te hacken.

We vragen het kabinet om een eenduidige visie op veiligheid in de digitale economie. Daarbij moet kritisch gekeken worden naar de noodzaak van de nieuwe bevoegdheden binnen de Wet computercriminaliteit III en het effect ervan op het vertrouwen in ICT.

Wat moet er gebeuren?

Ten opzichte van de concept versie uit 2013 is er een aantal verbeteringen aangebracht: de verplichting tot ontsleuteling is er uit, waardoor je niet meer hoeft mee te werken aan je eigen veroordeling. Ook is het positief dat helers van computergegevens strafbaar worden gesteld, waardoor hackers die bijvoorbeeld buitgemaakte persoonsgegevens willen verhandelen strafbaar gesteld kunnen worden. Echter met de Wet computertcriminaliteit III introduceert het kabinet ook een nieuwe bevoegdheid: het heimelijk binnendringen van een geautomatiseerd werk. Dit betekent concreet het mogen hacken van apparatuur zoals computers en mobiele telefoons, maar ook het hacken van clouds en slimme energiemeters valt onder de bevoegdheid. Ondanks dat de strafmaat waarbij de politie dit middel mag inzetten is verhoogd naar delicten waar een minimale celstraf van 8 jaar op staat, blijft Nederland ICT kritisch over de wenselijkheid van dit middel bij de politie.

Bovendien brengt de bevoegdheid om ook in het buitenland te kunnen hacken de internationale positie van Nederland in gevaar. De regering zou meer in moeten zetten op internationale samenwerking, zowel tussen overheden onderling, als tussen overheden en ICT-bedrijven.